Top PDF Geven van tijd: vrijwilligerswerk

Geven van tijd: vrijwilligerswerk

Geven van tijd: vrijwilligerswerk

Er wordt veel gesproken over de trend naar incidenteel vrijwilligerswerk. Organisaties bieden steeds vaker tijdelijke, kortdurende en afgebakende klussen aan waaraan geïnteresseerden kunnen deelnemen zonder zich langdurig aan de organisatie te verbinden. Organisaties hebben weliswaar een voorkeur voor vaste vrijwillige krachten, maar de samenleving is de laatste decennia veranderd: vrouwen hebben vaker betaald werk dan voorheen en de hoeveelheid vrije tijd is gedaald (Breedveld et al., 2006). Het reservoir aan potentiële vrijwilligers die wel bereid zijn om te helpen maar niet beschikbaar zijn op een vaste dag of avond kan dan ook beter worden benut door ook incidenteel vrijwilligerswerk mogelijk te maken. De jaarlijkse actie ‘NL Doet’ van het Oranjefonds is opgezet vanuit deze gedachte. Het grote aantal Nederlanders dat zich via deze actie inzet wijst erop dat er inderdaad veel belangstelling is voor incidenteel vrijwilligerswerk. Incidenteel vrijwilligerswerk past ook bij de behoefte van bedrijven om hun maatschappelijke betrokkenheid te laten zien, bijvoorbeeld door hun werknemers voor één dag uit te lenen aan een non-profitorganisatie.
Show more

17 Read more

De volledige omslijping van een (vitaal) frontelement is niet meer van deze tijd

De volledige omslijping van een (vitaal) frontelement is niet meer van deze tijd

De interpretatie van deze cijfers wordt bemoeilijkt omdat de observatieperiode van de diverse onderzoeken uiteenliep van een maand tot veertien jaar, met een gemiddelde van vier jaar. De vraag is in hoeverre adhesieve technieken bijdragen aan weerstand tegen breuk. Duidelijk is dat de hechting aan dentine en het gebruik van dentinebondings een grote rol spelen en, gebruikt in combinatie met composietcementen, betere resultaten geven dan het conventioneel cementeren van keramische kronen met zinkfosfaat- of glasionomeercement (Burke et al, 2002). Het literatuuroverzicht wijst uit dat met veel in vivo-onderzoeken is aangetoond dat met het oog op weerstand tegen breuk adhesief composietcement veel beter presteert dan de conventionele technieken.
Show more

13 Read more

Goed leiderschap in deze tijd. Een onderzoek naar de betekenis van 'normatieve professionalisering' voor leiderschap

Goed leiderschap in deze tijd. Een onderzoek naar de betekenis van 'normatieve professionalisering' voor leiderschap

bewerkstelligen van beweging en verandering (Ibid.). Er ontstond hierbij een splitsing tussen een transactionele en transformationele visie op leiderschap, waarin management werd geassocieerd met de eerstgenoemde benadering (zie voor een nadere uitwerking van deze begrippen § 1.3.2) Western (2007) heeft verschillende boeken en artikelen vergeleken die het verschil tussen de manager en de leider uiteenzetten. De tendens is dat managers worden geassocieerd met rationele, controlerende, bureaucratische vormen van bedrijfsvoering en het continueren van organisatieprocessen waarbij stabiliteit, planning en efficiëntie centraal staan. Leiderschap gaat daarentegen vooral over passie, visie, creativiteit, inspiratie, innovatie en coöperatie. In plaats van continuering van de organisatie wordt leiderschap gekoppeld aan beweging en verandering (Kotter, 1990, 4; Western, 2007, 35). Tevens zouden managers handelen vanuit hun hiërarchische positie waarin zij hun autoriteit aanwenden (straffen en belonen) om gestelde doelen te behalen en zouden leiders vrijwillig gevolgd worden op basis van hun visie en overtuigingskracht (o.a. Linstead & Fulop, 2009; Quinn, 1997). W. Bennis, een Amerikaanse pionier op het gebied van hedendaagse leiderschapsstudies, stelt dat organisaties in de eenentwintigste eeuw behoefte hebben aan leiders, die in tegenstelling tot managers, de ambiguïteit, complexiteit en instabiliteit van de snel veranderende omgeving de baas blijven, in plaats van zich daaraan over te geven (Bennis, 1989).
Show more

97 Read more

Richting geven aan plantengroei en - ontwikkeling

Richting geven aan plantengroei en - ontwikkeling

Richting geven aan groei en ontwikkeling van studenten Als directeur van de masteropleiding biologie en ook als do- cent ben ik verantwoordelijk voor het richting geven aan de groei en ontwikkeling van biologiestudenten. Dit begint onder andere met studenten er op te wijzen dat op tijd komen be- langrijk is, en met hen te leren hoe je moeten leren. Maar voor het leerproces is het ook belangrijk dat de leerstof op de juiste manier aangeboden wordt. Tijdens deze oratie heeft u passief in uw bank gezeten, terwijl u een hele emmer informatie en moeilijke termen over u uitgestort kreeg. De enige reden, wel- licht, dat u niet in slaap gevallen bent, is dat de banken in het groot auditorium hard en oncomfortabel zijn. Recentelijk heb ik de Leergang Onderwijskundig Leiderschap mogen volgen, en dit heeft me er van overtuigd dat kennisoverdracht door dit soort klassieke hoorcolleges weinig effectief is. In de ko- mende twee jaar wil ik samen met de directeur van de Bachelor opleiding dr. Arthur Ram aan de slag om meer activerende onderwijsvormen in het biologiecurriculum te introduceren. Ik verwacht dat wij hiermee de kennisretentie bij studenten en ook het studierendement significant kunnen verhogen. Veroudering en verjonging in planten, een nieuwe richting in mijn onderzoek
Show more

18 Read more

Effectmeting Servicepunt Vrijwilligerswerk Enschede : in opdracht van de Gemeente Enschede, afdeling Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling

Effectmeting Servicepunt Vrijwilligerswerk Enschede : in opdracht van de Gemeente Enschede, afdeling Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling

Het onderzoek naar de ‘beoogde effecten’ van het SVE is globaal gezien opgezet in twee delen. In het eerste deel (hoofdstuk 2 en 3) is de organisatievorm van het SVE in beeld gebracht. Door informatie uit literatuur te verzamelen over de historie van de ondersteuning van vrijwilligerswerk en de veranderingen in de omgeving van het SVE die invloed hebben gehad op de werkwijze van het SVE. Tevens zijn verschillende werkplannen geanalyseerd en zijn de doelstellingen met bijbehorende criteria weergegeven. De doelstellingen zijn gebaseerd op de verwachtingen en de functieomschrijvingen, omdat er vanuit de gemeente Enschede enkel verwachtingen zijn gesteld. Bij het meten van 'de beoogde effecten' zoals in de onderzoeksvraag is geformuleerd, dient er een uitgangspunt te zijn. Als uitgangspunt had ik de verwachtingen genomen. Zonder verwachtingen te stellen kunnen geen effecten worden gemeten, omdat je op die manier niets kunt zeggen over het resultaat (de werking van het SVE). In het eerste deel is dus door middel van de historie van het SVE, informatie verschaft over de doelstellingen en de criteria die tijdens het onderzoek zijn beoordeeld. In het tweede deel (hoofdstuk 4, 5 en 6) is een criteria-analyse uitgevoerd om zo de abstracte doelstellingen, die in het eerste deel zijn geformuleerd, te evalueren. Eerst is de meetbaarheid van de doelstellingen en de dekking van de doelstelling door middel van criteria besproken. Daarna zijn de criteria gemeten, zodat er feitelijke en gestandaardiseerde informatie is verzameld. Met de informatie uit de criteria-analyse en vanuit de meetbaarheid is geconcludeerd in welke mate de doelstellingen behaald zijn. Volgens Hall and Hall (2004) wordt deze manier van analyseren gebruikt tijdens kwantitatieve onderzoeken. Hierbij zijn abstracte concepten omgezet in ‘indicatoren’ die via operationalisering gemeten kunnen worden (Hall and Hall, 2004, p. 137). De criteria die geanalyseerd zijn binnen dit onderzoek, zijn door de gemeente Enschede opgesteld. Ze geven informatie over de gewenste resultaten. De criteria-analyse en de evaluatie van de
Show more

45 Read more

Uit de Brand!: een onderzoek naar de bruikbaarheid van het EPPM bij het geven van brandpreventie adviezen tijdens een woningcheck

Uit de Brand!: een onderzoek naar de bruikbaarheid van het EPPM bij het geven van brandpreventie adviezen tijdens een woningcheck

In totaal hebben er 140 respondenten meegewerkt aan het onderzoek. Honderd van hen zijn bezocht door medewerkers van de brandweer en 40 door medewerkers van de woningstichting. De respondenten hadden een leeftijd van 18 tot 81 jaar. Onder alle respondenten zijn 71 mannen en 69 vrouwen. Het merendeel van de respondenten heeft een Nederlandse Nationaliteit (75%), de rest van de nationaliteiten bestaat uit: Pakistaans, Irakees, Turks en Italiaans. De meeste respondenten hebben een MBO opleiding als hoogst afgeronde opleiding (34,4%). Daarna zijn de opleidingen als volgt verdeeld: VMBO (17,2%), Basisschool (15,9 %), HBO (10,6%), WO (6,6%), Havo (4,6%) en VWO (3,3%). Van alle respondenten wonen 101 mensen samen met een partner en 39 alleen in de woning. Gemiddeld wonen ze 18,5 jaar in de wijk. Om vast te stellen of er verschillen zijn in de verdeling op de demografische variabelen tussen de verschillende condities is er statistisch getoetst (F-toets of , afhankelijk van het meetniveau van de betreffende variabele. Er zijn hier geen significante verschillen gevonden voor zowel leeftijd (F(1,140)= 1.783, p= ns), geslacht (χ ), opleidingsniveau (F(1,140)= .046, p= ns), woonsituatie (χ ) , kinderen ( χ ) , tijd die men in de wijk woont (F(1,140)= .705, p= ns) en woningsoort (F(1,140)= .000, p= ns).
Show more

48 Read more

Het kunstwerk en zijn tijd

Het kunstwerk en zijn tijd

De auteurs van de artikelen in dit nummer van Leidschrift geven verschillende inzichten in de vraag naar de manier waarop kunst (liever: visueel materiaal) maatschappelijke ontwikkelingen thematiseert. Het (visuele) bronnenmateriaal is bijzonder divers en reikt van wandschilderingen in Romeinse woningen, een huiselijk tafereeltje uit ca. 1500 en boekillustraties in ‘De Negerhut van Oom Tom’ tot representaties van de heerser in achttiende-eeuwse muziekstukken en geëngageerd werk van hedendaagse Irakese kunstenaars in diaspora. Een grotere variëteit is nauwelijks denkbaar. Tegelijkertijd geven de artikelen precies de bandbreedte aan van het gebruik van visuele/artistieke bronnen om maatschappelijke items zichtbaar te maken. Het gaat hier niet om brede, algemene processen of noties maar om aan tijd en plaats gekoppelde, contextspecifieke vraagstellingen, die elk een eigen, specifiek antwoord geven op de vraag op welke manier het visuele materiaal getuigenis aflegt van een bepaald thema dat speelde in die tijd.
Show more

7 Read more

Het brongebruik van Surinaamse journalisten. Onderzoek bij Parbode Magazine en De Ware Tijd

Het brongebruik van Surinaamse journalisten. Onderzoek bij Parbode Magazine en De Ware Tijd

47 Reich (2009) stelt dat journalisten doorgaans juist voornamelijk bekende bronnen benaderen, omdat zij deze bronnen eerder vertrouwen dan laaggeplaatste bronnen. Journalisten in Suriname blijken niet zo achterdochtig te zijn. Ze geven aan de meeste bronnen die zij gesproken hebben te vertrouwen. Dat is wellicht de reden waarom veel informatie niet wordt gecheckt. Bijna in de helft van de artikelen is de informatie helemaal niet gecheckt. Dit is een opvallend hoog deel in vergelijking met eerdere onderzoeken van Reich (2009) en Blansjaar (2014). Veel journalisten geven aan het niet nodig te vinden de informatie te checken, omdat zij vinden dat de verantwoordelijkheid bij de bron ligt. Ook blijkt dat zij veel informatie klakkeloos van andere media overnemen en naar de bron waar ze informatie vandaan hebben gehaald verwijzen, mocht iets niet kloppen. De rolopvattingen van Surinaamse journalisten lijken dus te verschillen met de rolopvattingen van westerse journalisten. Surinaamse journalisten voelen wellicht minder de drang om als waakhond van de samenleving te
Show more

60 Read more

Een kwalitatieve analyse van hoe resisters betekenis geven aan hun vermogen tot het weerstaan van criminaliteit

Een kwalitatieve analyse van hoe resisters betekenis geven aan hun vermogen tot het weerstaan van criminaliteit

Thomas geeft aan dat hij een tijdje op zoek is geweest naar een bestemming, een soort van doel om er achter te komen waarom hij op aarde is. Hij stond soms letterlijk voor de spiegel met de vraag, ‘wie ben ik’? In de periode leerde hij ook veel over karma en reïncarnatie. Dit vond en vindt hij nog steeds erg interessant. Ook vertelt Thomas over bepaalde stromingen ’etherische visie’ die hij waarneemt, hij beschrijft het als een soort van energie. Wat het precies betekent weet hij nog niet, maar hij ontdekte al op jonge leeftijd dat hij dit had. In het latere verloop van zijn verhaal vertelt Thomas dat deze ‘stromingen’ van grote betekenis zijn in zijn leven. Hierdoor realiseerde hij zich dat hij anders was dan de meesten, dit was een reden om op ontdekkingstocht te gaan. ‘Ja en dan later, toe was ik ook echt al in de 20 toen was ik ook echt bezig met levensvragen en is dit alles, toen kwam ik iemand tegen die zich daarmee bezighoud, en toen heb ik met de komst van een wereldleraar’. Thomas vertelt dat hij deze wereldleraar vragen heeft gesteld en dat hij hierop een bevestiging kreeg van wat hij al dacht. Wat hij dacht of wat hij heeft gevraagd, wil hij niet vertellen. Sinds enige tijd ziet Thomas deze stromingen niet meer. Doordat hij wel eenzelfde soort mensen is tegengekomen vielen de puzzelstukjes en beetje op zijn plek en begreep hij waarom zijn leven op een bepaalde manier verlopen is, aldus Thomas. ‘Dus daar stond op grond van m’n horoscoop, - nou je moet erin geloven en ik geloof ik – los van allemaal onzin wat er tussen zit trouwens, maar deze niet – is eehm.. dat ik, dat ik niet voor niks in dit gezin ben geboren, omdat de les voor mij is dat ik in mezelf moet geloven en dat ik de kracht en energie en waardering en respect uit mezelf moet halen…en daarom ook die hele zoektocht en de horoscoop laat al zien dat ik ouders had die geen emotionele affectie zullen tonen want ik moet leren het uit mezelf te halen…’
Show more

62 Read more

Een kwestie van tijd

Een kwestie van tijd

Door de verschillende ritmen in ons lichaam zijn wij, bio­ chemisch gezien, niet hetzelfde in de vroege ochtend en in de late avond. Een dosis­respons curve, voor een geneesmiddel of voor een toxische stof, kan daardoor verschillende resultaten geven op verschillende tijden. Dit is een lastige realiteit in wetenschappelijk onderzoek, die in de onderzoeksopzet meegenomen moet worden. Het is voorspelbaar dat genees­ middelen op het ene tijdstip sterker of minder sterk zullen werken dan op een ander tijdstip, en dat geldt ook voor hun bijwerkingen. Potentieel ligt hier een mogelijkheid om de effectiviteit van geneesmiddelen te optimaliseren, of de bijwerkingen te minimaliseren, en om alleen daarmee al een betere prognose te creëren. Twee voorbeelden zijn respectievelijk de behandeling van eierstokkanker, en de behandeling van darmkanker. Hierbij heeft een toediening op het juiste moment van de 24­uurs cyclus geleid tot een sterke vermindering van bijwerkingen, ondanks de verhoogde dosering van de medicatie die mogelijk was.
Show more

16 Read more

De vergelijking van twee soorten ondersteuning bij onderzoekend leren op een basisschool: het geven van domeininformatie vs  het geven van hypotheses

De vergelijking van twee soorten ondersteuning bij onderzoekend leren op een basisschool: het geven van domeininformatie vs het geven van hypotheses

Het zou jammer zijn als kinderen door het missen van een bepaalde vaardigheid beperkt worden in hun mogelijkheden tot onderzoekend leren. Bij onderzoekend leren is de tijd die nodig is om dingen uit te zoeken (“rate of discovery”) redelijk hoog. Maar de tijd die nodig is om dingen volledig te begrijpen ("rate of uptake") is vaak kleiner. Hierdoor begrijpen de kinderen de stof beter en kunnen ze opdrachten ook na een langere periode nog goed oplossen (Siegler, 2005). Mede daarom hebben Hmelo-Silver, Duncan en Chinn (2007) zich afgevraagd onder welke omstandigheden onderzoekend leren effectief zou zijn. Hoewel het antwoord op deze vraag afhangt van de taak, het onderwerp en de doelgroep, lijkt het geven van voldoende ondersteuning in alle gevallen nodig te zijn. Deze ondersteuning kan gericht zijn op de leerinhoud door voorkennis te activeren of op het geven van uitleg over onderwerpen die niet of zeer moeilijk uit het onderzoek zijn af te leiden. Uit onderzoek blijkt dat dit soort inhoudelijke ondersteuning de lerende kan helpen om beter te experimenteren en zodoende meer over een onderwerp te leren. Zo vonden Lazonder, Hagemans en de Jong (2010) dat studenten die van tevoren uitleg kregen over het onderwerp, meer en specifiekere hypotheses opstelden en meer nieuwe informatie leerden dan studenten die deze uitleg niet kregen.
Show more

18 Read more

Vergoeding van "verlies van tijd" als ander nadeel

Vergoeding van "verlies van tijd" als ander nadeel

Mensen willen zich verzekeren tegen vermogensschade. Uitgaande van de veronderstelling dat mensen hun eerste euro’s uitgeven aan hun belangrijkste behoeften en eventueel extra geld aan steeds minder belangrijke behoeften, zorgt vermogensschade er namelijk voor dat de waarde van extra geld (het zogenaamde ‘marginale nut’) groter wordt. Immers, na de schade heeft het slachtoffer een kleiner vermogen over en besteedt zijn geld dus aan relatief belangrijke behoeften. Een verzekering zorgt ervoor dat geld met een relatief laag marginaal nut wordt omgezet in geld met een relatief hoog marginaal nut. Euro’s van vóór de schade (toen het slachtoffer nog veel geld had en zijn geld dus aan relatief minder belangrijke behoefte kon besteden) worden aan de verzekeringspremie besteed en in ruil daarvoor krijgt het slachtoffer nadat de schade is ingetreden (en geld dus een hoger marginaal nut heeft) een uitkering van de verzekering. 10 Bij immateriële schade is dit volgens aanhangers van de verzekeringstheorie anders. Omdat het slachtoffer geen geld verliest, stijgt het marginale nut van geld niet en zijn behoefte aan geld evenmin. Hij is daarom niet bereid geld uit te geven aan een verzekering. 11 Op het terrein van letselschade wordt zelfs betoogd dat immateriële schade tot een lagere behoefte aan geld leidt, omdat het slachtoffer door bijvoorbeeld blijvend letsel manieren is kwijtgeraakt waarop hij zijn geld kan besteden. 12 Empirisch onderzoek suggereert dat letselschade inderdaad tot een lager marginaal nut van geld leidt. 13 Ten slotte wordt het feit dat er in de praktijk geen vraag naar first partyschadeverzekeringen tegen immateriële schade bestaat, gebruikt als argument om te betogen dat mensen zo’n verzekering niet willen.
Show more

9 Read more

Altijd op tijd?
Ontwikkeling van een voorspellingsmodel voor de punctualiteit van de Nederlandse Spoorwegen

Altijd op tijd? Ontwikkeling van een voorspellingsmodel voor de punctualiteit van de Nederlandse Spoorwegen

In het kader van de afstudeeropdracht voor de studie Technische Bedrijfskunde is in dit rapport onderzoek gedaan naar de (on)mogelijkheden van een voorspellingsmodel voor de landelijke punctualiteit van de Nederlandse Spoorwegen (NS). De punctualiteit – uitgedrukt in het percentage treinaankomsten dat binnen een marge van drie minuten ten opzichte van de geplande aankomsttijd valt – is voor de NS een belangrijke prestatie-indicator. Jaarlijks wordt vastgesteld, in samenspraak met de overheid, welke punctualiteit gehaald moet worden. Voor 2007 is de doelstelling 86,7 procent. Het palet van stakeholders maakt de punctualiteit een heikel punt. Door de opdeling van het spoor (ProRail, overheidsonderdeel), de vervoerder (NS, private onderneming met een meerderheidsbelang van de overheid) en de druk van andere partijen op het spoor (Railion en andere goederenvervoerders) die weinig belang hebben bij de punctualiteit van de NS is het maar beperkt mogelijk voor de NS om direct invloed uit te oefenen op de realisatie van de punctualiteit. Toch probeert de NS met de middelen waar zij over beschikt tot een maximale prestatie te komen. Het ontwikkelde voorspellingsmodel heeft als doel om de NS hierbij te helpen, en aan te geven waar eventuele problemen liggen in de uitvoer van het plan. De doelstellingen waarbij het model van waarde is, kunnen als volgt weergegeven worden:
Show more

129 Read more

Responsabiliteit van het Redden. Over schip, goed en schipbreukeling in de vroegmoderne tijd.

Responsabiliteit van het Redden. Over schip, goed en schipbreukeling in de vroegmoderne tijd.

met de ander, maar waren enigszins opvolgend in tijd. De ontwikkeling van deze genootschappen is volgens hem nauw verbonden met een reeks verschuivingen in de culturele, politieke en sociale sfeer. 18 De ontwikkeling van spectatoriale geschriften moedigde de natuurlijke sociabiliteit aan: de overtuiging dat de burger in de eigen privésfeer van een vriendenkring, gezelschap en genootschap de basis kon leggen voor deugd, kennis en geluk. 19 Met de Verlichting werd de dominantie van het geloof in de sociale middenklasse almaar kleiner en aan het einde van de achttiende eeuw kwam dergelijke kennis ook bij lagere klassen terecht. Het werk van H. Zwager uit 1972, Nederland en de Verlichting, biedt een iets somberder beeld dan dat van Mijnhardt. 20 Zwager stelde dat de bijdrage van de Verlichting in Nederland vooral op internationaal vlak van marginale betekenis was. De Maatschappij tot Redding van Drenkelingen (MRD), opgericht in 1767, had echter juist veel gevolgen voor het buitenland zoals later zal blijken. In oktober 2017 viert de MRD haar 250-jarig bestaan. Tenslotte kan het werk van N. van Sas, De metamorfose van Nederland niet ongenoemd worden gelaten als men spreekt over de achttiende eeuw. 21 Van Sas toont in zijn boek het belang van de achttiende eeuw in de geschiedenis van Nederland aan. Voorheen werd deze periode door historici afgedaan als een onbelangrijke tijd. Van Sas beweert juist het tegendeel: de achttiende eeuw was een cruciale overgang van het Ancien Regime van de Republiek naar de eenheidsstaat van de monarchie. 22 Hierin is een speciale rol weggelegd voor de Nederlandse Verlichting en de Bataafs-Franse tijd. Ook B. Altena en D. Van Lente staan in hun boek stil bij de betekenis van de Verlichting. 23 In hun onderzoek naar de vraag hoe het type van de westerse samenleving is ontstaan, zoeken zij vooral in de periode na 1750 naar fundamentele veranderingen. Daarbij stellen zij dat de Verlichting mede heeft gezorgd voor een betere maatschappelijke ordening, waarbij er een steeds groter wordende rol was weggelegd voor de burger. 24
Show more

80 Read more

Tijd voor gespierde taal

Tijd voor gespierde taal

Duchenne is echter veel bekende geworden door de ziekte die zijn naam draagt. De ziekte van Duchenne is het klassieke voorbeeld van een spierdystrofie die op jonge leeftijd begint en waarbij vooral jongens zijn aangedaan. De spieren worden in de loop van jaren afgebroken en vervangen door vet en bindweefsel. In een latere fase van de ziekte verdwijnen ze vervolgens helemaal. De gelaatsspieren zijn hierbij niet aangedaan. In het casino valt voor deze jongens dus niet veel eer te behalen. Het is echter de vraag of ze daar ooit binnenlopen. Tegen de tijd dat ze meerderjarig zijn en mogen aanschuiven zijn ze vrijwel zonder uitzondering rolstoelgebonden. De grootste groep van de jongens met deze spierziekte verliezen het vermogen om zelfstandig te lopen tussen hun 10 e en 12 e jaar. Helaas raken vervolgens ook de
Show more

16 Read more

Tijd en oorsprong van het universum: de Kālasūkta van de Atharvaveda en vroeg-Vedische kosmogonische verhalen

Tijd en oorsprong van het universum: de Kālasūkta van de Atharvaveda en vroeg-Vedische kosmogonische verhalen

In de latere, klassieke Indische filosofische traditie vinden wij geen sporen van deze geweldige kosmologische theorie terug. De theorie was slechts kort vermeld, maar drieduizend jaar geleden door de Athar va- vedische pre-filosofen vermoedelijk goed uitgewerkt (en misschien te traceren naar de Indo-Iraanse of zelfs late Proto-Indo-Europese tijd). We kunnen ons alleen maar afvragen hoe vooruitstrevend enkele kos- mogonische theorieën van deze hypothetische kālacintaka’s waren, die latere filosofische ideeën van de klassieke India vooruit gaan en, in sommige opzichten, de moderne kosmologische modellen anticiperen.
Show more

25 Read more

God en de tijd. Enkele opmerkingen over de aard van Gods eeuwigheid

God en de tijd. Enkele opmerkingen over de aard van Gods eeuwigheid

Pannenberg hielp ons daarbij op weg, door Gods eeuwigheid niet op te vatten als een tegenover van de tijd, maar juist als de volheid van de tijd: in Gods 'eeuwig heden' zijn verleden, he[r]

9 Read more

Het donkenlandschap in prehistorische tijd.

Het donkenlandschap in prehistorische tijd.

De bewoning van de donken kan alleen in samen- hang met het omringende waterrijke gebied worden beschouwd: de rivierduinen zijn de droge kampplaatsen, terwijl het [r]

10 Read more

Woningbouwprojecten op tijd geleverd!

Woningbouwprojecten op tijd geleverd!

,Q GH]H SDUDJUDDI ZRUGW KHW FUDVKHQ YDQ HHQ SODQQLQJ XLWJHOHJG 2P WH FUDVKHQ PRHWHQ GH LQGLUHFWH YDULDEHOH NRVWHQ EHNHQG ]LMQ GXV ELMYRRUEHHOG GH NRVWHQ YRRU GLUHFWLHYRHULQJ HQ ERXZUHQWH[r]

69 Read more

Na verloop van tijd… Over bevrijdende verjaring van rechtsvorderingen en de bevoegdheid om tot executie over te gaan

Na verloop van tijd… Over bevrijdende verjaring van rechtsvorderingen en de bevoegdheid om tot executie over te gaan

Leidt de ingestelde eis niet tot toewijzing, dan is de verjaring slechts gestuit, indien binnen zes maanden nadat het geding door het in kracht van gewijsde gaan van een uitsp[r]

26 Read more

Show all 9720 documents...